Beste jonge maker of aanstormend talent,

Waarschijnlijk ben je tussen de 18 en 35, maar het zou goed kunnen dat je richting de veertig glijdt. Stiekem ben je al jaren afgestudeerd, misschien zelfs een decennium. Je werkt hard, al dan niet op social, en bent alsmaar bezig je familie te overtuigen dat je goed bezig bent. Kijk maar naar Facebook en insta.

Waarschijnlijk heb je vele afwijzingen gekregen, maar in de sterren stond geschreven dat jij een doorzetter bent, dus hop, daar gaat de volgende aanvraag en voorbereiding voor een pitch. Je maakt je eerder druk om vieze caffé latte’s dan pensi… pen-wat? En naar dat Broodfonds moet je nodig eens kijken.

Is het niet tijd voor een ander soort ondernemen?

Waarschijnlijk heb je tal van koffiedates gehad met mensen met een Naam en een Functie die de koffie voor hun rekening zullen nemen. Die ‘wat fijn dat je naar ons toe kon komen’ zeggen, want zij hebben het Druk. Druk. Drukdrukdruk. Waarschijnlijk wacht je achter de laptop nog steeds op ‘concrete afspraken’.

Misschien heb je je weleens afgevraagd, toen je eens goed naar jezelf met je wallen in de spiegel keek, wat je waard bent. Nadat je opnieuw een fantastische opdracht kreeg aangeboden voor een schijntje. Maar hey, zei je tegen je vermoeide spiegelbeeld, jij mag van geluk spreken dat jij een podium krijgt! Een platform! Kansen!

Beste jonge maker, ik snap jou. Ik snap jouw zuchten als je weer in zo’n vermoeiende onderhandeling zit. Als je gesprekken voert die zo veelbelovend zijn dat je enthousiast gaat kwijlen als een jonge pup, maar die altijd eindigen met ‘maar we hebben niet zoveel budget’. Daar gaat die staart terug tussen de benen.

Waarom lijkt de verantwoordelijkheid steeds bij de maker te liggen?

Ondernemen is een kunst an sich. En is op de kunstopleiding vaak nog een te klein onderdeel van het curriculum. Ja, je krijgt wel de basics: maak een website, bewaar je bonnetjes en wees erbij op borrels. Maar is het niet tijd voor een ander soort ondernemen? En waarom lijkt de verantwoordelijkheid steeds bij de maker te liggen?

Speciaal voor jou, jonge maker, las ik in de Flixbus naar Brussel een boek van een ondernemende kunstenaar. Of allez boek… boekje. ‘Filosofie en literatuur in zakformaat’, uitgegeven door (o.a.) Theater Aan Zee. Heel handig, toen het Noordstation in zicht was, was het uit. Het heet Ik weet niet, dus ik ben, geschreven door Lucas De Man: ‘creator’ van beroep.

Hij is dit jaar de gastcurator op Theater Aan Zee, met als thema ‘betrokkenheid’. Hear, hear. Op de jaarlijkse sectordag op TAZ zal hij het gesprek opengooien over de omgangscultuur binnen de culturele sector. Voor wie De Man kent: hij is snel en rap van tong. ‘Denk niet in problemen, maar in oplossingen’ zou zomaar zijn credo kunnen zijn. Dus ik verwacht écht concrete afspraken.

Ik las dus zijn boekje en daarin beschrijft hij zijn drie artistieke regels: 1. Creëer zonder compromis, 2. Verbind met en door de projecten, 3. Zoek per project het juiste publiek. Oftewel: heb een goed verhaal en ga strategisch te werk om dat goede verhaal het beste tot zijn recht te laten komen. Check.

Wat als je heel slecht bent in plannen of multitasken? Of als creëren je veel tijd kost?

Lucas zag in de crisis geen gat, maar een gat in de markt. Met zijn ondernemersgeest en creatieve brein, zoekt, vindt en verbindt hij buiten de gebaande subsidiepaden. Kunst verbinden met commercie? No problemo, mits hij volledig zijn artistieke vrijheid behoudt. In een interview met hem in een ondernemersblad lees ik dat we naar ons publiek toe moeten. Dat kunst net als marketing ‘een verhaal vertellen’ is.

Glad ijs. Ik hoor het je denken. Een maker, een kunstenaar, een creator desnoods, hoort toch niet met marketing, lees: cijfers, bezig te zijn? Maar laten we eerlijk zijn: zonder geld, moneyz, doekoe, komen we in deze neoliberale samenleving bij de voedselbank terecht. Met jouw tonnen ambitie kun je namelijk niet betalen in de supermarkt.

Ik ga ‘aan’ van Lucas’ Enthousiaste Verhaal, vol Caps Lock en dikgedrukte zinnen voor de duidelijkheid. Maar dan toch die zucht. Wat als je niet de energie of snelle ideeën van Lucas hebt? Als je heel slecht bent in plannen of multitasken? Als je niet zoals Lucas altijd een paar stappen voor bent? Of als creëren je veel tijd kost?

Hoe kunnen we bewaken dat al die eenzame vissen in de koffiebar niet verzuipen?

Hij heeft met zijn Stichting Nieuwe Helden een heel straf team achter zich staan. En is dus niet een van de eenzame vissen uit die grote zee die in de koffiebar zitten te happen naar lucht. Hoe kunnen we bewaken dat die vissen niet verzuipen? Welk vangnet heb jij überhaupt voor jezelf geregeld? Moeten we ons meer verenigen?

De Vlaamse velden gingen over in de Belgische.

In Brussel had ik een kennismakingsgesprek met een jonge filmmaker. We dronken koffie. Daarna een misschien-kan-ik iets-voor-je-betekenen-gesprek. ‘We houden contact’, zei de projectleider nog. Vervolgens ging ik naar het Dapperheidsplein in Anderlecht en keek ik mee bij een poëzie-les van woordkunstenaar Astrid Haerens.

Ik kreeg nostalgie naar een tijd met heldere kaders en veilige vangnetten.

Vol vuur proclameerden haar leerlingen van vijftien, zestien jaar teksten van Jacques Prévert. Het was ontroerend om de jonge makers in spé zo hard bezig te zien. Het lokaal vulde zich met puberzweet. Ze klapten voor elkaar. Gaven feedback. Hun focus was om jaloers van te worden. Ik kreeg nostalgie naar een onbezonnen studietijd.

Een tijd met heldere kaders en veilige vangnetten. Een tijd dat je nog geen vis was, maar een leeuw.

Beste jongste talenten, beste jonge makers, het ga je goed,

Emma

P.S. Komen jullie op 5 augustus ook gezellig naar de sectordag om hierover verder te praten? Ik heb gehoord dat Theater Aan Zee gratis ijsjes uitdeelt.